Chinese Dongfeng schiet het Franse Peugeot Citroen te hulp

PSA Peugeot Citroën voorlopig gered

Peugeot logoDat je zelfs als grote autofabrikant door de huidige langdurige economische crisis in de problemen kunt komen, wordt maar weer eens bewezen met het verhaal van PSA Peugeot Citroën. De op één na (namelijk  Volkswagen) grootste autofabrikant van Europa kan met pijn in het hart terugkijken op een aantal historisch slechte jaren. Het spreekwoordelijke ‘grote spelers, grote verliezen’ ging bij Peugeot Citroën in ieder geval helemaal op de afgelopen jaren. Dankzij hun Chinese partner Dongfeng en de Franse overheid lijkt het gevaar van een financiële ondergang even geweken.

Hoe is dat zo gekomen?

162px-Citroën.svgIn de nog goede jaren voor de autobranche wist het toenmalige PSA (Peugeot Société Anonyme, zeg maar Peugeot NV) zich danig uit te breiden en de grootste autofabrikant van Frankrijk te worden, daarmee concurrent Renault voorbijgaand. In de jaren 1970 nam Peugeot stukje bij beetje de steeds slechter draaiende en bijna failliete concurrent Citroën over. De financiële spaarzaamheid van Peugeot en een paar zeer succesvolle automodellen van Citroën zorgden toen voor een geslaagde overname. Van die tijd af (1976) werd de naam PSA Peugeot Citroën gebruikt.

Financiële risico’s PSA

Het succes smaakte echter naar meer en in de jaren 1980 nam de PSA het noodlijdende Chrysler over. Chrysler maakte onder andere de in Europa destijds zeer populaire Simca. PSA wilde de bekende Simcamodellen verder ontwikkelen vooral voor de Franse en Engelse markt; de nieuwe auto’s kwamen aanvankelijk op de markt onder de naam Talbot. De kosten en aanloopverliezen waren echter veel aanzienlijker dan gedacht. Al snel werd het merk Talbot opgegeven en de verschillende nieuwe modellen kwamen van toen af gewoon uit onder de naam Peugeot. De korte economische opleving van de jaren 1990-2000 kon de dip van de jaren 1980 amper goedmaken. PSA gooide het over een andere boeg. Men begon in allerlei toekomstige afzetgebieden eigen fabrieken neer te zetten, bestaande fabrieken over te nemen of met buitenlandse partners samen te werken. Vooral in ontwikkelingslanden, die als potentiële afzetmarkten werden gezien, kwamen er veel nieuwe locaties bij.

796px-1955_Citroen_2CVIntussen begonnen de nieuwste modellen van beide ‘bloedgroepen’ steeds dichter bij elkaar te liggen en dezelfde klantengroep aan te spreken.

Links 2-Cheveaux 1955.

De  afdelingen Peugeot en Citroën werden elkaars concurrent op vooral de Franse markt en belandden zelfs kort in een prijzenslag met elkaar. Duidelijk geen goede zaak voor de inkomsten van het concern. De onderlinge verhouding werd vastgesteld: Peugeot bleef de kwalitatief betere en duurdere optie, Citroën kwam voortaan in een goedkoper segment terecht.

Diverse samenwerkingsverbanden

In de laatste jaren probeerde PSA verwoed het risico te spreiden en de verliezen te beperken door onder andere allerlei samenwerkingsverbanden aan te gaan met partners van over de hele wereld. Diverse daarvan zijn in de tussentijd alweer gestrand, voortijdig afgehaakt of eenzijdig gestaakt. Er is nog een aantal dat  nu nog actief is.
1992 – joint venture met het Chinese Dongfeng; de Peugeots 207, 307 en 408 worden geproduceerd in Wuhan en Xianyang, China.
2002 – joint venture met Toyota Motor Corporation; een gezamenlijke nieuwe fabriek in Tsjechië maakt voortaan de Peugeot 107, Citroën C1 en Toyota Aygo.
2010 – joint venture met de Chinese Chang’an Automobile Group voor de productie van de Citroën DS 5 en DS 5LS
2011 – joint venture met Mitsubishi Motors: een gezamenlijke nieuwe fabriek in Rusland voor de productie van de Peugeot 308 en 4007, de Citroën C4 en C-Crosser, en de Mitsubishi Outlander.
2011 –  joint venture met BMW voor het gezamenlijk ontwikkelen en produceren van hybride onderdelen (onder andere batterijen, generatoren, elektronica en software).

Recordverliezen voor PSA

De financiële en economische crisis vanaf 2008 zorgden echter voor een forse terugloop in de autoverkoop wereldwijd. De economische groei in China bleef op peil, maar door de grote toestroom van andere  (Europese en Japanse) automerken op de Chinese markt, bleef een doorslaand succes voor PSA vooralsnog uit.

World_locations_of_PSA_Peugeot_Citroën_factories

De economische groei in ontwikkelingslanden stagneerde; deze potentiële afzetgebieden bleven slapend. Het opgebouwde wereldwijde net van autofabrieken bleek voorlopig nog een grote kostenpost. In 2012 leed PSA een recordverlies van maar liefst 5 miljard Euro! De cijfers over 2013 zijn nog niet bekend, maar voorspellen weinig goeds; zo is bekend dat de verkoopcijfers met zeker 5% zijn teruggelopen.

Grote bezuinigingen en gedwongen ontslagen

Om het hoofd boven water te houden kwam PSA met een rigoureus bezuinigingsplan. Diverse fabrieken in Frankrijk en elders werden gesloten, duizenden mensen verloren al hun baan of zullen dat in de nabije toekomst nog doen. Alleen al in Frankrijk dreigt een nieuw massaontslag voor zeker 8.000 medewerkers. De Franse overheid heeft hier uiteraard geen goed woord voor over en wil in  ieder geval de schade zoveel mogelijk beperken.

Met het water tot de lippen toch nog redding voor PSA

MINOLTA DIGITAL CAMERAVoor de Franse overheid tellen de te behouden banen in Frankrijk. Voor de Chinese autogigant Dongfeng is de toegang tot de technische kennis en de blue-prints van de Franse auto’s het belangrijkste motief. Samen besloten zij tot een kapitaalinjectie van 3 miljard Euro (!) in het noodlijdende PSA. Echter ook de familie Peugeot die sinds jaar en dag grootaandeelhouder is draagt een steentje bij: 100 miljoen Euro om precies te zijn. Er zijn natuurlijk wel een aantal voorwaarden gesteld waaraan PSA moet voldoen. Zo krijgen de Franse overheid en Dongfeng elk (een extra) 15% van het aandelenpakket in handen. De macht en zeggenschap van de familie Peugeot wordt flink beknot; hun aandelenpakket en zeggenschap zal voortaan ook niet meer bedragen dan ongeveer 15%.

Ook Franse autoindustrie in de problemen

800px-Peugeot-206-IMG_1875Waren het eerst de Amerikaanse autogiganten en later de Britse die in zwaar weer kwamen, nu kon de grootste autofabriek van Frankrijk evenmin de dans ontspringen. Het is te hopen dat deze kapitaalinstroom voldoende zal blijken te zijn totdat het economische tij (ooit nog?) ten gunste zal zijn gekeerd.

Copyright: Robin93.

(2014) Foto’s: Office.microsoft.com, Wikimedia Commons.